Warmteprijs blijft voorlopig gekoppeld aan de gasprijs.

18 juli 2022

Minister Jetten heeft de Tweede Kamer laten weten dat de opvolger van de huidige Warmtewet, de Wet collectieve warmtevoorziening (Wcw) vertraging oploopt. De vertraging is vooral het gevolg van de wens van provincies en gemeenten om warmte-infrastructuur in publieke handen te houden, overeenkomstig gas- en elektriciteitsnetten. De minister lijkt genegen daar in mee te gaan, maar dat betekent wel dat de ontwerp- Wcw die twee jaar geleden ter consultatie is gepubliceerd, flink op de schop moet. De vertraging heeft ook gevolgen voor een van de meest omstreden punten van de huidige Warmtewet: de koppeling van de warmtetarieven aan de gebruikskosten van aardgas.  

De huidige Warmtewet tracht kleine verbruikers te beschermen tegen misbruik door warmteleveranciers. Daartoe stelt toezichthouder ACM maximum tarieven vast op basis van het zogenaamde niet-meer-dan-anders principe (NMDA): generiek genomen mogen klanten met stadsverwarming niet duurder uit zijn dan afnemers van aardgas. Op die koppeling aan aardgasprijzen was van meet af aan veel kritiek, maar sinds de gasprijzen bijzonder fors gestegen zijn, is de kritiek ook toegenomen. Jetten ziet echter geen mogelijkheid om de ontkoppeling te versnellen. Dat vergt namelijk een afzonderlijke wetswijziging met deels dezelfde issues als met de nieuwe warmtewet.

Overigens bevat de huidige wet ook een tweede consumenten-beschermingswal, namelijk het gebod dat warmteleveranciers geen onredelijk hoge winsten mogen maken. Hoewel de details van die regeling nog moeten worden vastgesteld, houden warmtebedrijven er in de praktijk wel rekening mee. De warmtebedrijven hanteren dit jaar namelijk tarieven die behoorlijk lager zijn dan de maximum tarieven die ze op grond van het NMDA-principe zouden mogen hanteren.

 


Deel dit


Dit vind je misschien ook interessant….